KenniscentrumThema's › Incontinentie › Incontinentie

Incontinentie

Deze tekst is bestemd voor zorgverleners

Incontinentie is het ongewild verlies van urine en/of ontlasting. De term incontinentie is afgeleid van het Latijnse woord ‘incontinens’, dat ‘onbeheersbaarheid’ of ‘geen controle hebben over’ betekent.
Incontinentie komt voor bij alle leeftijdsgroepen. De drempel om hulp te zoeken bij incontinentie is hoog. Veel mensen die last hebben van incontinentie verzwijgen dit voor hun omgeving, uit schaamte, of omdat ze bang zijn voor onbegrip of afwijzing. Het wordt gezien als een teken van ouderdom en zwakte.

Zie ook: Urineverlies (op het Kenniscentrum Urologie voor patiënten)

Prevalentie

Uit onderzoek blijkt dat een aantal factoren van invloed is op de prevalentie van incontinentie. Incontinentie komt voor bij alle leeftijden maar stijgt als de leeftijd toeneemt. Doordat de komende jaren de vergrijzing zal toenemen, is de verwachting dat de prevalentie van incontinentie verder zal toenemen. Behalve leeftijd blijkt ook geslacht van invloed. Incontinentie komt vaker voor bij vrouwen dan bij mannen.
 

Soorten incontinentie

  • Stressincontinentie: onvrijwillig urineverlies bij fysieke activiteiten (zoals sporten) of bij niezen of hoesten. Een andere term die wordt gebruikt is inspanningsincontinentie. De hoeveelheid urineverlies is over het algemeen enkele druppels tot een scheutje.
  • Urgency- / aandrangincontinentie, onvrijwillig urineverlies samengaand met of direct voorafgegaan door een plotselinge, onhoudbare mictie-aandrang. De hoeveelheid urineverlies kan variëren van enkele druppels tot de gehele blaasinhoud.
  • Gemengde incontinentie: combinatie van stress- en aandrangincontinentie.
  • Functionele incontinentie: door lichamelijke of praktische beperkingen niet in staat zijn om naar het toilet te gaan, denk aan de invloed van medicatie, narcose, verwardheid, visuele beperking, lastig te openen kleding of obstakels op weg naar toilet.
  • Overloop-incontinentie: verlies van urine bij een volle blaas. De druk in de blaas wordt zo hoog dat er urine verloren wordt. De blaas is al langere tijd vergroot en kan niet goed meer functioneren. Aan deze vorm van incontinentie moet je denken als de patiënt ’s nachts last van incontinentie heeft.
  • Totale incontinentie: er is dag en nacht een continu druppelsgewijs verlies van urine.
 

Diagnose stellen

Het is belangrijk om de incontinentie te diagnosticeren, zodat er gericht een behandeling kan worden ingezet. Daarnaast moet de patiënt goed voorgelicht worden over de mogelijkheden die er zijn met betrekking tot incontinentiemateriaal. Hierbij is het afnemen van een anamnese een belangrijk onderdeel. Het gaat dan niet alleen om de hoeveelheid urineverlies die er is, maar zeker zo belangrijk is welke impact de incontinentie heeft op de kwaliteit van leven. Samen met de patiënt wordt geprobeerd tot een zo optimaal mogelijke oplossing te komen.
 

Keuze incontinentiemateriaal

Bij het vinden van het juiste incontinentiemateriaal speelt de mate van incontinentie, de fysieke gesteldheid en de dagelijkse bezigheden van de patiënt een rol. Door deze gegevens te combineren, wordt het juiste incontinentiemateriaal gevonden. Daarbij kan een keuzewijzer gebruikt worden. Dit is een kaart waarop het gehele productoverzicht van een merk wordt getoond, via de advieswijzer vindt je het juiste verband. Deze keuzewijzer is bij de diverse fabrikanten van incontinentiemateriaal gratis aan te vragen en is zeker een handig hulpmiddel.
Er zijn vele soorten en merken incontinentiemateriaal op de markt. Kijk samen met de patiënt wat voor hem of haar de beste keus is. Er kan altijd proefmateriaal aangevraagd worden zodat de patiënt ook zelf kan ondervinden of dit de juiste keuze is en of hij persoonlijke voorkeur heeft. Het voordeel hiervan is dat er geen grote hoeveelheden incontinentiemateriaal aan de patiënt geleverd wordt dat in de praktijk niet het juiste materiaal blijkt te zijn.

Bestanddelen verbanden

Incontinentieverbanden dienen om het verlies van urine en/of ontlasting op te vangen. Incontinentieverband bestaat uit een aantal lagen van verschillende materialen. De bovenlaag bestaat uit een drooghoudlaag die vocht doorlaat zodat het oppervlak droog blijft. De tweede laag, de absorptiekern, bevat pulp die de urine opneemt. De meeste verbanden bevatten een derde laag met een zogenaamde superabsorber; in deze laag zijn absorberende korrels verwerkt, deze korrels houden de urine vast en binden het in tot een gel, zodat de huid niet meer nat kan worden en er geen nare geurtjes kunnen ontstaan.
 

Advies en hulp

Advies en hulp bij problemen kan er gegeven worden door de continentieverpleegkundige in het ziekenhuis of bij de medisch speciaalzaak. Ook bestaat de mogelijkheid dat er een verpleegkundige van de firma of de medisch speciaalzaak bij de patiënt thuis instructie komt geven.



Wanneer heeft u recht op vergoeding?

U heeft recht op vergoeding als er sprake is van:
  • incontinentie van ontlasting die langer dan 2 weken aanhoudt, of
  • incontinentie van urine die langer dan 2 maanden aanhoudt, of
  • ondersteuning van bekkenbodemoefeningen, spieroefeningen of blaastraining ten laste van de zorgverzekering voor de behandeling van urine-incontinentie (niet bij nachtplassen), of
  • ziektebeelden waarvan mag worden aangenomen dat de incontinentie niet vanzelf geneest.