KenniscentrumZiekte/Aandoeningnieren en bijnieren › nierstenen › Nierstenen

Nierstenen

Wat zijn nierstenen?

In de urinewegen kunnen zich nierstenen vormen. De afvalstoffen in de urine kristalliseren en vormen een steen. Waarom dit gebeurt, is niet helemaal duidelijk. Wel is bekend dat urineweginfecties dit proces bevorderen.

Samenstelling van een steenniersteen

De belangrijkste oorzaak van nierstenen is dat er een te hoog gehalte van bepaalde zouten in de urine zit. Deze zouten komen bij ieder mens voor maar als de urine teveel van deze zouten bevat, kunnen deze in het nierbekken neerslaan in de vorm van kristallen. Deze kristallen vormen dan uiteindelijk de nierstenen.
Het overgrote deel van alle stenen (zo'n 80%) zijn stenen die voornamelijk bestaan uit calcium. De overige 20% bestaat uit stenen van urinezuur of zijn zogenaamde infectiestenen. Deze laatste categorie stenen komt vooral voor bij vrouwen en bevatten bacteriën die de groei versnellen waardoor ze tot nierontstekingen kunnen leiden.
Zeer zeldzaam zijn de cystinestenen die bestaan uit een aminozuur. Deze komen alleen voor bij mensen met de genetische afwijking 'cystinurie'.


Klachten

Een niersteen ontstaat meestal bovenin de nier. Als de steen losraakt, voert deze met de urinestroom mee naar beneden totdat deze wordt uitgeplast. Klachten door nierstenen ontstaan meestal als ze onderweg naar de blaas vast komen te zitten. Een vastzittende steen kan een felle krampachtige pijn veroorzaken. Dit kan gepaard gaan met bewegingsdrang (niet stil kunnen zitten) en misselijkheid. Dit wordt ook wel koliekpijn of (flank)pijn genoemd.
Als er ook sprake is van koorts dan is het waarschijnlijk dat er een sprake is van een (ernstige) infectie door de vastzittende steen. Daarom worden patiënten met nierstenen die ook koorts en algemene ziekte verschijnselen hebben snel behandeld.

Behandeling

De meeste patiënten met koliekpijn komen via de huisarts op de Spoedeisende hulp terecht. Als eerste zal dan een urinecontrole plaats vinden en een röntgenfoto van de buik worden gemaakt. De behandeling zal bestaan uit het bestrijden van de pijn en de eventuele koorts. Als een patiënt al pijnvrij is op de Spoedeisende hulp zal de behandeling op een later tijdstip op de polikliniek plaatsvinden.
Het behandelen van nierstenen is niet altijd nodig. Als de steen geen pijn of infecties veroorzaakt en de nierfunctie er niet onder lijdt, kan rustig worden afgewacht. Tijdens regelmatige controles houdt de uroloog in de gaten of de steen groeit. Een steen die groeit zal wel worden behandeld om schade aan de nier te voorkomen.
Als een niersteen geen acute klachten veroorzaakt kan rustig met de patiënt bekeken worden welke behandeling het meest geschikt is. Als duidelijk is dat de steen verwijderd moet worden, gaat de uroloog bepalen welke techniek met de minste belasting voor de patiënt, de beste resultaten oplevert. Dit is afhankelijk van de soort steen en waar de steen zich bevindt. De steen kan zich in de gehele urineweg bevinden: in de nier, in de urineleider of in de blaas. Zie ook: blaasstenen.
Na verwijdering van de steen wordt onderzocht wat de samenstelling is van de steen. Bij jonge mensen en mensen dDubbel J katheterie voor de tweede keer een steen hebben zal de internist-nefroloog een uitgebreid onderzoek uitvoeren.

Acute behandeling bij koliekpijn

Als een steen zorgt dat de nier de urine niet meer kwijt kan, is er vaak sprake van een steen in de urineleider (verbinding tussen de nier en de blaas). Als dit het geval is, ontstaat vaak koorts en is de patiënt erg ziek. De behandeling bestaat dan uit een opname in het ziekenhuis en het toedienen van antibiotica via een infuus. Als dit de koorts en het zieke gevoel niet laat verdwijnen dan wordt een stent (buisje) ingebracht in de urineleider, ook wel een dubbel J katheter of een nefrostomiekatheter.

Dubbel J katheter

Bij het aanbrengen van een inwendig dubbel-J-katheter plaatst de uroloog een buisje in de urineleider, door middel van een cystoscopie, zodanig dat het ene uiteinde in het nierbekken ligt en het andere uiteinde in de blaas. Dit buisje is niet zichtbaar. Het buisje kan wel plas- of pijnklachten geven. Bij de behandeling van de steen door middel van een ureterorenoscopie blijft het ‘dubbel J kathether' achter in het lichaam.

NefrostomiekatheterNefrostomiekatheter bij patiënte

Bij een nefrostomie katheter wordt via de flank van het lichaam een buisje aangebracht in het nierbekken en is via een verlengstukje aan een (been)zakje verbonden. Het slangetje komt dus naar buiten. Om te voorkomen dat het buisje uit de nier losraakt, hangt het katheter met een krulletje vast in de nier of wordt dit met een hechting aan de huid vastgezet.
In de acute fase zal niets gedaan worden aan de steen. Dit gebeurt later, eerst moet de patiënt zich niet meer ziek voelen en de nier zich herstellen.

Zie ook: Nierstenen verwijderen



  



Deel deze pagina: