KenniscentrumMaterialenKatheters › Nefrostomiekatheter › Nefrostomiekatheter

Nefrostomiekatheter

Deze tekst is bestemd voor zorgverleners

Bij een nefrostomiekatheter wordt via de flank van het lichaam een buisje ingebracht in het nierbekken. Het slangetje komt dus via de flank naar buiten en is door een verlengstukje aan een (been)zakje verbonden. Om te voorkomen dat het buisje uit de nier losraakt, hangt de katheter met een krulletje vast in de nier. Soms wordt deze nog met een hechting aan de huid vastgezet.
Nefrostomiekatheter met krul

Wanneer wordt deze katheter gebruikt

Een nefrostomiekatheter wordt ingebracht wanneer de afvoer van urine vanuit de nier naar de blaas belemmerd is. Dit kan veroorzaakt worden door:
  • Obstructie door bijvoorbeeld een niersteen;
  • Vernauwing van de urineleider;
  • Urineleiders die van buitenaf worden dichtgedrukt door bijvoorbeeld tumor in de onderbuik.

Fixatie

Een goede fixatie van een nefrostomiekatheter is van groot belang voor een goede afvloeiing van de urine uit de nier. Hiervoor bestaan drainfixatiepleisters zoals drainfix en skaterfix.
Het voordeel hiervan is dat deze fixatiepleister 5 tot 7 dagen kan blijven zitten en er ook mee gedoucht kan worden. Bij de skaterfix kun je zelfs elke dag de insteekopening controleren door het blauwe klittenband-klepje even te openen.
De pleister moet vanuit de flank richting de onderbuik geplakt worden. Als deze namelijk recht naar beneden geplakt wordt, dan kan er te veel spanning op de katheter komen bij zitten of bewegen en kan er een knik in de katheter ontstaan waardoor het afvloeien wordt belemmerd.

Verzorging

Iedere 5 tot 7 dagen moet de fixatiepleister worden vervangen.
In de thuissituatie kan men na het verwijderen van de fixatiepleister de huid rondom de insteekopening reinigen met een schone washand en lauw water. Werk hierbij vanuit de insteekopening verder naar buiten (volgens WIP-richtlijnen).
Dep daarna de huid droog met een schone handdoek.
Controleer de huid rondom de insteekopening op:
  • zwelling
  • roodheid
  • pus of sereus-vocht
  • pijn
Als één of meerdere van deze klachten zich voor doen, neem dan contact op met de polikliniek Urologie. Tel. (0314) 32 95 72.

Scholing

Voor verdere scholing rondom de zorg voor de patiënt met een nefrostomiekatheter kunt u contact opnemen met het secretariaat opleidingen tel. (0314) 32 94 74 of mail naar opleidingen@slingeland.nl.